OMGEKEERDE VOORVORKSET
J032442006-03-22
ALGEMEEN
Setnummer
46321-05
Modellen
Deze set past op FXST- en FXSTB-modellen motorfietsen vanaf 2000. Deze set past niet op motorfietsen uitgerust met een voorremklauwkap (43759-00) of gestileerde verchroomde voorremklauwset (44910-05).
Vereiste aanvullende onderdelen
OPMERKING
Indien het standaard stuur op de motorfiets vervangen is, kan het gebruik van een andere dan de hieronder vermelde omvlochten remleidingset noodzakelijk zijn. Raadpleeg een Harley-Davidson dealer voor de juiste set.
Voor deze set is het noodzakelijk de volgende sets afzonderlijk aan te schaffen: OMVLOCHTEN REMLEIDINGSET (45256-04), BOVENSTE STOFAFDICHTING (48361-80), ONDERSTE STOFAFDICHTING (48365-48A) en twee ROLLAGERS (48300-60). Bij FXSTB-modellen moeten tevens de montageset voorste richtingaanwijzer (68266-03) en twee kogeltappen (67822-88) afzonderlijk aangeschaft worden.
Voor een juiste installatie moet voor deze set LOCTITE® 243 (blauw) (99642-97) en LOCTITE® ANTIVASTLOOPSMEERMIDDEL (98960-97) worden gebruikt.
WAARSCHUWING
De veiligheid van de berijder en de passagier is afhankelijk van de correcte montage van deze set. Volg de juiste stappen uit de servicehandleiding. Als u niet zeker weet of u de procedure correct kunt uitvoeren of als u niet beschikt over het juiste gereedschap, laat de installatie dan over aan een Harley-Davidson-dealer. Incorrecte montage van deze set kan ernstig of dodelijk letsel tot gevolg hebben. (00333b)
OPMERKING
In dit instructieblad wordt verwezen naar informatie in de servicehandleiding. Voor installatie is een servicehandleiding voor uw model motorfiets vereist. Deze is verkrijgbaar bij een Harley-Davidson dealer.
Voor een correcte montage/demontage van de omgekeerde voorvorkpoten voor het uitvoeren van onderhoud zijn de volgende gereedschappen noodzakelijk: VOORVORKPOOTHOUDER (HD-41177), MONTAGEBUS VOORVORKOLIEKEERRING (B-42571), VERWIJDERINGSGEREEDSCHAP WIELNAAFDEKSEL FLSTS/C (HD-41494) en VOORVORKOLIENIVEAUMETER (HD-59000B).
Setinhoud
VERWIJDEREN
OPMERKING
Raadpleeg de betreffende servicehandleiding voor gedetailleerde informatie over de volgende algemene stappen.
  1. Plaats de motorfiets hoger met behulp van een hefbrug of blokken, zodanig dat de motorfiets horizontaal staat met het voorwiel van de vloer.
  2. Verwijder de voorremklauw, het voorspatbord en het voorwiel. Gooi de as weg. Bewaar de wielafstandsstukken voor hergebruik.
  3. Verwijder de koplamp.
  4. Maak de richtingaanwijzerdraadboom los.
  5. Verwijder de schroef waarmee de clip van de voorremleiding en de massadraad aan de achterzijde van de bovenste balhoofdplaat bevestigd zijn.
  6. OPMERKING
    Met de rechter stuurverhogerbout wordt tevens een massadraad aan de onderzijde van de bovenste balhoofdplaat bevestigd. Bewaar de massadraad voor later gebruik.
  7. Verwijder de stuurverhogerbouten en zet het stuur opzij met de bedieningselementen en bevestigde bedieningskabels.
  8. Verwijder de voorvork en de balhoofdplaten (balhoofd).
  9. Verwijder de brandstoftank.
INSTALLEREN
Installeren van de balhoofdplaten en de omgekeerde voorvork
OPMERKING
Zie Afbeelding 1 voor de volgende procedure.
  1. Vervang de balhoofdlagerloopringen (25) volgens de instructies in de betreffende servicehandleiding.
  2. Plaats de lager (3), de onderste stofafdichting (14) en de onderste balhoofdplaat (1) in het balhoofd (2), en monteer vervolgens de lager (3) en de bovenste stofafdichting (4). Zet deze vast met de afstelmoer (5). Haal de stelmoer aan tot de lagers geen zichtbare speling meer hebben en de voorvorksteel met enige weerstand van de ene naar de andere zijde gedraaid kan worden. Het 'wegvallen' van de lager wordt later in de installatieprocedure afgesteld.
1Onderste balhoofdplaat
2Balhoofd
3Lager (2)
4Stofafdichting, bovenste
5Afstelmoer
6Bovenste balhoofdplaat
7Borgring
8Voorvorksteelmoer
9Voorvorkpoot, rechterkant
10Voorvorkpoot, linkerkant
11Klembout (8)
12Asinzetstuk met schroefdraad
13Spatbordschroef (4)
14Stofafdichting, onderste
15Stelschroef, asinzetstuk
16As
17Standaard wielafstandsstuk (2)
18Wiel
19Standaard spatbord
20Stelschroef, as
21Askap
22Stelschroef, stuurmoerkap
23Stuurmoerkap
24Voorvorkkap (2)
25Lagerloopring (2)
26Platte onderlegring (4)
Afbeelding 1. Installeren van de omgekeerde voorvork
1. Installeren van de bovenste balhoofdplaat (6). Monteer de nieuwe borgring (7) en de voorvorksteelmoer (8) losjes. Zorg ervoor dat het binnenste lipje van de borgring in de sleuf in de bovenste balhoofdplaat valt.
2. Schroef vier balhoofdplaatklembouten (11) losjes in de bovenste balhoofdplaat (6).
3. Schuif de rechter omgekeerde voorvorkpoot (9) naar boven door de boringen in de onderste en bovenste balhoofdplaten. Schuif de voorvorkpoot tegen de aanslag in de boring. Monteer de voorvorkkap (24) en haal de klembouten (11) van de bovenste balhoofdplaat voldoende aan voor het op zijn plaats houden van de voorvorkpoot. Herhaal dit voor de linker omgekeerde voorvork (10).
4. Haal de voorvorksteelmoer (8) aan. Zorg ervoor dat de binnenste tand van de borgring (7) in de sleuf in de bovenste balhoofdplaat (6) valt.
5. Monteer vier klembouten (11) in de onderste balhoofdplaat (1).
6. Zorg ervoor dat het asinzetstuk met schroefdraad (12) in de ashouder van de linker voorvorkpoot (10) gemonteerd wordt.
7. Breng Loctite 243 (blauw) aan op de schroefdraad van de stelschroef (15) van het asinzetstuk en draai de stelschroef in de onderzijde van de linker voorvorkpoot (10). Haal de stelschroef aan tot 68–75 N·m (50–55 ft-lbs).
8. Breng Loctite 243 (blauw) aan op de vier spatbordschroeven (13) en monteer het standaard spatbord (19) met de schroeven en vier onderlegringen (26) aan de voorvorkpoten. Haal de schroeven aan tot 20,3–24,4 N·m (15–18 ft-lbs).
9. Breng een laagje Loctite antivastloopsmeermiddel aan op de schroefdraad en het lageroppervlak van de as (16).
OPMERKING
Plaats de standaard afstandsstukken (17) in de juiste positie voordat u het voorwiel (18) monteert. Monteer het dikkere afstandsstuk aan de linkerzijde (remschijf) van het wiel.
10. Monteer het voorwiel (18) en de afstandsstukken (17) met de nieuwe as (16) uit de set, waarbij u de as in de linker onderste voorvorkpoot schroeft. Haal de as aan tot 88–95 N·m (65–70 ft-lbs).
11. Duw de voorvorkpoten meerdere malen in om klemming te voorkomen en de rechter voorvorkpoot op de as te centreren.
12. Breng Loctite 243 (blauw) aan op de schroefdraad van de stelschroef (20) van de as en draai de stelschroef in de onderzijde van de rechter voorvorkpoot (9). Haal de stelschroef aan tot 68–75 N·m (50–55 ft-lbs).
13. Bevestig de askap (21) aan het uiteinde van de as.
OPMERKING
Bevestig tijdens het installeren van de rechter stuurverhogerbout de eerder verwijderde massadraad aan de bovenste balhoofdplaat.
14. Raadpleeg de betreffende servicehandleiding en bevestig de stuurverhogers, het stuur en de bedieningselementen. Voer de bedrading door het gat in de bovenste balhoofdplaat, tussen de stuurverhogers door.
15. Raadpleeg de betreffende servicehandleiding en bevestig de voorremklauw.
OPMERKING
  • Raadpleeg de gebruikershandleiding voor de juiste remvloeistof dat gebruikt moet worden bij het vervangen van de remleiding van de voorrem.
  • Bevestig de massadraad aan de onderzijde van de bovenste balhoofdplaat tussen de schroefkop en de remleidingclip.
  • Plaats de remleidingclip tijdens de montage hiervan aan de bovenste balhoofdplaat op zodanige wijze, dat de remleiding aan de buitenboordse zijde van de montageschroef vastmaakt wordt.
16. Verwijder de remleiding van de voorrem en installeer de omvlochten remleidingset (45256-04) volgens de instructies uit de set.
17. Raadpleeg de betreffende servicehandleiding voor het installeren van de koplamp.
18. Monteer de linker en rechter reflectors aan de voorvorkpoten, net onder de onderste balhoofdplaat.
19. Stel het wegvallen van de balhoofdlager af volgens de instructies in het hoofdstuk Wegvalafstelling balhoofdlager in dit instructieblad.
20. Breng Loctite aan op de klembouten:
a. Verwijder de klembouten uit de onderste balhoofdplaat.
b. Breng een kleine hoeveelheid Loctite 243 (blauw) aan op de draden van de klembouten en bevestig deze opnieuw.
c. Verwijder de klembouten van de bovenste balhoofdplaat, breng een kleine hoeveelheid Loctite 243 (blauw) aan op de draden en bevestig deze opnieuw.
d. Haal de klembouten aan tot 25–27 N·m (18–20 ft-lbs). Draai aan elke kant van de bovenste balhoofdplaat eerst de bovenste klembout en daarna de onderste klembout vast. Draai aan elke kant van de onderste balhoofdplaat eerst de bovenste klembout en daarna de onderste klembout vast. Herhaal de aanhaalvolgorde.
21. Breng een kleine hoeveelheid Loctite 243 (blauw) aan op de stelschroef (22) van de kap van de voorvorksteelmoer. Monteer de kap (23) van de voorvorksteelmoer met de stelschroef op de voorvorksteelmoer.
Wegvalafstelling balhoofdlager
1. Ondersteun de motorfiets zodat deze rechtop en horizontaal staat, met de voorzijde van de vloer getild.
2. Zorg ervoor dat de bedrading, koppelings- of gaskabels geen effect op het draaien van de voorzijde hebben.
3. Bevestig een geschikt markeringsmateriaal, zoals bijvoorbeeld afdektape, op het uiteinde van het spatbord.
4. Plaats een wijzer, met het voetstuk stabiel op de vloer en de wijzer op het midden van het spatbord gericht. De voorkant dient recht vooruit te wijzen, alhoewel het balanspunt enigszins uit het midden kan liggen.
5. Controleer de balhoofdlagerspanning:
a. Klop tegen de zijkant van het spatbord tot de voorkant uit zichzelf begint weg te vallen. Markeer dit punt op de afdektape.
b. Herhaal de vorige stap in de tegenovergestelde richting.
c. Meet de afstand tussen de twee markeringen.
6. De afstand tussen de twee wegvalmarkeringen moet tussen 25,4-50,8 mm (1,0-2,0 in) vallen. Draai de voorvorkafstelmoer vaster of losser tot de meting binnen de specificatie valt.
a. Draai de klembouten van de bovenste balhoofdplaat los.
b. Verwijder de kap van de voorvorksteelmoer, de voorvorksteelmoer en de borgring.
c. Til de bovenste balhoofdplaat met bevestigd stuur en bedieningselementen voldoende omhoog om bij de afstelmoer te kunnen komen.
d. Indien de meting meer dan 50,8 mm (2,0 in) bedraagt, draait u de afstelmoer losser. Indien de meting minder dan 25,4 mm (1,0 in) bedraagt, haalt u de afstelmoer aan.
e. Plaats een geschikte ondersteuning onder het voorwiel om te voorkomen dat het wiel valt.
f. Draai de klembouten in de onderste balhoofdplaat los.
g. Zorg ervoor, dat de bovenste balhoofdplaat correct op het balhoofd rust, en vervolgens dat de voorvorkpoten correct in de boringen van de bovenste balhoofdplaat zitten. Draai de klembouten van de bovenste balhoofdplaat stevig vast.
h. Monteer de voorvorksteelmoer en de borgring. Haal de voorvorksteelmoer aan tot 48–54 N·m (35–40 ft-lbs). Zorg ervoor dat de binnenste tand van de borgring in de sleuf van de bovenste balhoofdplaat valt.
i. Buig één van de lipjes van de borgring tegen een vlakke zijde van de voorvorksteelmoer aan.
j. Verwijder de klembouten uit de onderste balhoofdplaat.
k. Breng een kleine hoeveelheid Loctite 243 (blauw) aan op de draden van de klembouten en bevestig deze opnieuw.
l. Verwijder de klembouten van de bovenste balhoofdplaat, breng een kleine hoeveelheid Loctite 243 (blauw) aan op de draden en bevestig deze opnieuw.
m. Haal de klembouten aan tot 25–27 N·m (18–20 ft-lbs). Draai aan elke kant van de bovenste balhoofdplaat, eerst de bovenste klembout en daarna de onderste klembout vast. Draai aan elke kant van de onderste balhoofdplaat eerst de bovenste klembout en daarna de onderste klembout vast. Herhaal de aanhaalvolgorde.
n. Breng een kleine hoeveelheid Loctite 243 (blauw) aan op de stelschroef (22) van de kap van de voorvorksteelmoer. Monteer de kap (23) van de voorvorksteelmoer met de stelschroef op de voorvorksteelmoer.
7. Herhaal stap 6 indien nodig.
De motorfiets terugbrengen in rijklare toestand
WAARSCHUWING
Na het verrichten van onderhoud aan de remmen en alvorens met de motorfiets te gaan rijden, dienen de remmen een paar keer 'gepompt' te worden om druk in het remsysteem op te bouwen. Onvoldoende remdruk kan de remwerking negatief beïnvloeden, met mogelijk ernstig of dodelijk letsel tot gevolg. (00279a)
WAARSCHUWING
Telkens na het installeren van een wiel en alvorens met de motorfiets te gaan rijden, dienen de remmen een paar keer ingeknepen te worden om druk in het remsysteem op te bouwen. Onvoldoende remdruk kan de remwerking negatief beïnvloeden, met mogelijk ernstig of dodelijk letsel tot gevolg. (00284a)
WAARSCHUWING
Na het repareren van het remsysteem dient u de remmen met lage snelheid te testen. Als de remmen niet goed functioneren kan testen bij hoge snelheden er toe leiden dat u de controle over de motorfiets kunt verliezen, met mogelijk ernstig of dodelijk letsel tot gevolg. (00289a)
1. Raadpleeg de betreffende servicehandleiding en ontlucht de voorremklauw.
WAARSCHUWING
Controleer of alle lampen en schakelaars goed werken voordat u de motorfiets gebruikt. Indien de bestuurder slecht zichtbaar is, kan dit ernstig of dodelijk letsel tot gevolg hebben. (00316a)
2. Controleer of alle lampen, richtingaanwijzers en bedieningselementen goed werken.
3. Raadpleeg de gebruikershandleiding om de koplamp af te stellen.
Onderhoudsschema
Noteer de kilometerstand van de motorfiets nadat de omgekeerde voorvorkset is gemonteerd en voer de volgende werkzaamheden uit na het bereiken van de vermelde kilometerstanden. Smeer de balhoofdlagers na elke 16.000 km (10.000 mi). Ververs de voorvorkolie na elke 32.000 km (20.000 mi).
VERZORGING EN ONDERHOUD
Omgekeerde voorvork
OPMERKING
Zie Afbeelding 1 voor de volgende procedure.
  1. Ondersteun het frame met blokken, zodat het voorwiel van de vloer getild is.
  2. Raadpleeg de betreffende servicehandleiding en verwijder de voorremklauw en het voorspatbord.
  3. Draai een nr. 5-40 schroef in de askap (21) om deze te kunnen verwijderen. Verwijder de askap door aan de schroef te trekken.
  4. Verwijder de stelschroef (20) van de as.
  5. Verwijder de as (16), de afstandsstukken (17) en het voorwiel (18).
  6. OPMERKING
    • De voorvorkkap (24) kan door de boring van de bovenste balhoofdplaat (6) vallen wanneer de klembouten losgedraaid of verwijderd worden. Vang de kap zorgvuldig op om krassen of deukjes te voorkomen.
    • Monteer nieuwe klembouten indien de klembouten van de balhoofdplaat voor het uitvoeren van onderhoud verwijderd werden.
  7. Verwijder de klembouten uit één zijde van de bovenste en onderste balhoofdplaten terwijl u de voorvorkpoot vasthoudt om wegglijden hiervan te voorkomen; verwijder vervolgens de voorvorkpoot. Herhaal dit voor de andere kant.
1Schroefklauw
2Beschermrubber
3Kunststof knop
Afbeelding 2. Voorvorkpoothouder (HD-41177)
Demonteren van de omgekeerde voorvork
1. Zie Afbeelding 2. Pak de VOORVORKPOOTHOUDER (HD-41177).
a. Klem het uiteinde van het gereedschap in de schroefklauw in een horizontale stand, waarbij de kunststof knoppen naar u toewijzen.
b. Zie Afbeelding 3. Klem de onderste voorvorkpoot tussen de beschermrubbers aan de binnenzijde van het gereedschap in, met de bovenste voorvorkpoot aan de onderzijde. Draai de knoppen totdat de onderste voorvorkpoot stevig vastzit.
OPMERKING
Zie Afbeelding 3 voor stap 2 t/m 10.
WAARSCHUWING
Draag bij onderhoudswerkzaamheden aan de voorvork een veiligheids- of stofbril. Verwijder geen bovenste voorvorkpootkappen zonder de voorbelaste veer te ontlasten, anders kunnen kappen en veren wegspringen waardoor ernstig of dodelijk letsel kan ontstaan. (00297a)
2. Schroef de voorvorkplug (6) uit. De voorvorkplug wordt aan de bovenste voorvorkpoot (5) en de cartridge (1) geschroefd.
3. Draai de moer (17) los en verwijder de voorvorkplug (6).
4. Trek de voorvorkveer omlaag en verwijder de veerplaat (11).
5. Plaats een opvangbak onder de voorvork. Draai de voorvork om en laat de olie eruit lopen. Draai de voorvork weer terug naar verticale stand.
6. Verwijder de schroef en onderlegring (14).
7. Verwijder de cartridge (1) en het voorspanningsafstandsstuk (16).
8. Gebruik het VERWIJDERINGSGEREEDSCHAP WIELNAAFDEKSEL FLSTS/C (HD-41494) om de stofkap (13) en stofafdichting (4) los te maken. Schuif deze onderdelen omlaag naar de onderzijde van de voorvorkpoot.
9. Duw de uiteinden van de sluitring (3) naar elkaar toe en verwijder de sluitring uit de inwendige groef in de bovenste voorvorkpoot (5).
OPMERKING
Gebruik de onderste voorvorkpoot als een slagtrekker indien u weerstand voelt: duw de onderste voorvorkpoot eerst in de bovenste voorvorkpoot naar binnen en trek hem vervolgens weer met gematigde kracht naar buiten. Herhaal deze volgorde totdat de onderste voorvorkpoot zich van de bovenste scheidt.
1Cartridge
2O-ring, voorvorkplug
3Sluitring
4Stofafdichting
5Bovenste voorvorkpoot
6Voorvorkplug
7Bovenste bussen
8Veer
9Onderste bussen
10Oliekeerring
11Eindplaat, veer
12Onderste voorvorkpoot
13Stofkap
14Schroef en onderlegring
15Afstandsring, oliekeerring
16Voorspanningsafstandsstuk
17Moer
Afbeelding 3. Omgekeerde voorvork (linkerkant afgebeeld)
10. Trek de onderste voorvorkpoot (12) uit de bovenste voorvorkpoot (5) totdat de bovenste bus (7) op de onderste voorvorkpoot contact maakt met de onderste bus (9) in de bovenste voorvorkpoot. Gebruik de bovenste bus in een voorzichtige slagtrekkerbeweging om de oliekeerring (10), de afstandsring (15) en de onderste bus (9) uit de boring van de onderste voorvorkpoot te kloppen.
Inspecteren van de omgekeerde voorvork
Inspecteer de omgekeerde voorvork op versleten of beschadigde onderdelen. Vervang de volledige voorvork indien de voorvorkpoten, de veer, het voorspanningsafstandsstuk of de cartridge versleten of beschadigd zijn. Tijdens het opnieuw monteren van de voorvork dient u de oliekeerring, bussen en stofafdichting te vervangen; hiervoor is de voorvorkrevisieset (46662-05) benodigd.
Monteren van de omgekeerde voorvork
OPMERKING
Zie Afbeelding 3 voor stap 1 t/m 17, tenzij anders aangegeven.
OPMERKING
Smeer de oliekeerring vóór het installeren in met nieuwe Harley-Davidson type E voorvorkolie.
1. Schuif de stofkap (13), de stofafdichting (4), de oliekeerring (10) (de zijde met letters wijst omlaag), de oliekeerring-afstandsring (15) (de holle kant naar boven wijzend) en de onderste bus (9) over de buis van de onderste voorvorkpoot (12), voor latere montage.
2. Monteer de bovenste bus (7) in de groef van de onderste voorvorkpoot (12). Buig de bus net voldoende uiteen zodat deze op de onderste voorvorkpoot past.
3. Monteer de onderste voorvorkpoot (12) in de bovenste voorvorkpoot (5).
4. Zie Afbeelding 4. Monteer de bus, de afstandsring en de oliekeerring in de boring van de onderste voorvorkpoot door de onderdelen met de MONTAGEBUS VOORVORKOLIEKEERRING (B-42571) naar boven te kloppen.
5. Monteer de inwendige sluitring (3) in de groef in de onderzijde van de bovenste voorvorkpoot.
6. Monteer de stofafdichting (4) en de stofkap (13).
7. Steek de cartridge (1) in de boring van de onderste voorvorkpoot.
8. Bevestig de schroef en onderlegring (14) in de onderkant van de onderste voorvorkpoot (12). Schuif de onderste voorvorkpoot meerdere malen volledig in en uit om de juiste uitlijning van de onderdelen te controleren. Duw vervolgens omlaag op de cartridge en haal de schroef aan. Haal de schroef aan tot 15–25 N·m (12–18 ft-lbs).
9. Schuif het voorspanningsafstandsstuk (16) over de cartridge in de boring van de onderste voorvorkpoot.
OPMERKING
De nieuwe voorvork heeft geen olieaftapschroef. Als het nodig is om de olie uit de voorvork af te tappen, moet de voorvork omgekeerd worden. Laat de olie in een geschikte opvangbak lopen.
10. Giet 525 mL Harley-Davidson type E voorvorkolie in de onderste voorvorkpoot.
Afbeelding 4. Monteren van de voorvorkoliekeerring
Afbeelding 5. Voorvorkolieniveaumeter (HD-59000B)
Afbeelding 6. Verwijder overtollige voorvorkolie
WAARSCHUWING
Een onjuiste hoeveelheid vorkolie kan de rij-eigenschappen beïnvloeden en leiden tot verlies van de controle over de motorfiets, met mogelijk ernstig of dodelijk letsel tot gevolg. (00298a)
11. Pomp de cartridgestang 10 keer om het systeem te ontluchten.
12. Stel het voorvorkolieniveau af, met de bovenste voorvorkpoot volledig omlaag geschoven, zodat het peil 70 mm (2,75 in) onder de bovenzijde van de onderste voorvorkpoot ligt, met gemonteerd veerafstandsstuk.
a. Zie Afbeelding 5. Pak de VOORVORKOLIENIVEAUMETER (HD-59000B).
b. Draai de duimschroef van de metalen ring los en beweeg het omhoog of omlaag langs de stang totdat de onderkant van de ring zich op 70 mm (2,75 in) van de onderkant van de stang bevindt. Draai de duimschroef vast.
c. Druk de hendel op de cilinder helemaal in.
d. Zie Afbeelding 6. Steek de stang in de bovenzijde van de onderste voorvorkpoot tot de metalen ring vlak op de bovenzijde van de onderste voorvorkpoot ligt en de bovenste voorvorkpoot volledig omlaag geduwd is.
e. Trek de hendel naar buiten om olie uit de bovenste voorvorkpoot te zuigen. Let op de voorvorkolie in de buis als het in de cilinder wordt gezogen.
f. Verwijder de stang uit de onderste voorvorkpoot. Druk de hendel in de cilinder om overtollige voorvorkolie in een geschikte opvangbak te laten lopen.
g. Herhaal, indien nodig, stap 12(c) t/m 12(f). Het olieniveau is correct als zichtbaar is dat er geen voorvorkolie meer uit de transparante buis wordt gezogen.
13. Schroef de borgmoer (17) op de cartridge omlaag tegen de aanslag aan.
14. Plaats de voorvorkveer (8) in de onderste voorvorkpoot.
15. Bevestig een nieuwe O-ring uit de revisieset aan de voorvorkplug (6).
16. Duw de veer (8) omlaag en monteer de veereindplaat (11) tussen de veer en de borgmoer (17), met de holle kant naar boven wijzend.
17. Monteer de voorvorkplug (6) op de cartridge. Schroef de plug volledig omlaag tegen de aanslag aan en schroef vervolgens de borgmoer (17) omhoog tegen de plug; haal vervolgens de borgmoer aan.
18. Duw omlaag op de voorvorkplug en trek de bovenste voorvorkpoot omhoog, tot de plug in de bovenste voorvorkpoot geschroefd kan worden. Schroef de voorvorkplug in de bovenste voorvorkpoot tot de plug tegen de aanslag aankomt en haal de plug vervolgens aan.
19. Herhaal stap 1 t/m 18 voor de andere kant.
20. Raadpleeg het deel Installeren in dit instructieblad om de voorvork opnieuw te bevestigen.  
SERVICEONDERDELEN
Afbeelding 7. Serviceonderdelen voor omgekeerde voorvork
Tabel 1. Tabel met serviceonderdelen
Item
Beschrijving (aantal)
Onderdeelnummer
1
Voorvorkpoot, linkerkant
46603-05
2
Voorvorkpoot, rechterkant
46604-05
3
Balhoofdplaat, onderste
46831-05
4
Stelschroef, nr. 6-32 x 1/4 inch
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
5
Asstelschroef, kompunt (2) – opgenomen in setnr. 20 en 21
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
6
Onderlegring, plat, roestvrijstaal (4) – opgenomen in setnr. 23
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
7
Moer, stuurstang – opgenomen in setnr. 22
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
8
O-ring (2) – opgenomen in setnr. 20
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
9
As, voor – opgenomen in setnr. 21
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
10
Kap, voorvork (2) – opgenomen in setnr. 19
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
11
Balhoofdplaat, bovenste
46837-05
12
Kap, stuurstang – opgenomen in setnr. 19
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
13
Borgring – opgenomen in setnr. 22
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
14
Kap, as – opgenomen in setnr. 20
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
15
Inzetstuk, as – opgenomen in setnr. 20
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
16
Inbusschroef (8) – opgenomen in setnr. 24
94335-91T
17
Bolkopschroef (4) – opgenomen in setnr. 23
94392-92T
18
Afstelmoer – opgenomen in setnr. 22
Niet afzonderlijk
verkrijgbaar
19
Kapset – bevat stuurstangkap (nr. 12) en twee voorvorkkappen (nr. 10)
46842-05
20
Set, as-accessoires – bevat asinzetstuk (nr. 15), askap (nr. 14), twee O-ringen (nr. 8) en
stelschroef (nr. 5)
46843-05
21
Set, as – bevat vooras (nr. 9) en stelschroef (nr. 5)
46844-05
22
Set, stuurafstelling – bevat afstelmoer (nr. 18), borgring (nr. 13) en stuurstangmoer (nr. 7)
46845-05
23
Set, spatbordbevestigingsmaterialen – bevat vier bolkopschroeven (nr. 17) en vier onderlegringen (nr. 6)
95501-05
24
Set, klemschroef balhoofdplaat – bevat acht inbusschroeven (nr. 16)
46846-05
25
Set, voorvorkrevisie – bevat twee stuks van elke van de volgende items: oliekeerring, onderste bus, bovenste bus, stofafdichting en O-ring
46662-05
26
Reflector, links
59482-00
27
Reflector, rechts
59481-00