| 1. | Plaats een krik zodanig onder het frame dat de motorfiets rechtop en horizontaal staat. | |
Om te voorkomen dat de motorfiets per ongeluk start, met mogelijk ernstig of dodelijk letsel tot gevolg, dient u voordat u verder gaat de accukabels (de minkabel (-) eerst) los te koppelen. (00307a) Koppel eerst de minkabel (-) van de accu los. Mocht de pluskabel (+) in contact komen met massa terwijl de minkabel (-) nog is aangesloten, dan kan de accu door de vonken die dan ontstaan, exploderen, met mogelijk ernstig of dodelijk letsel tot gevolg. (00049a) | ||
| 2. | Raadpleeg de servicehandleiding en volg de instructies om het zadel te verwijderen en de accukabels los te koppelen, de minkabel (-) eerst. Bewaar alle bevestigingsmaterialen van het zadel. | |
| 3. | Verwijder de accu uit de motorfiets volgens de instructies in de servicehandleiding. | |
| 4. | Breng de achterzijde van de motorfiets omhoog zodat er geen gewicht meer rust op de schokdempers. | |
| 5. | Volg de instructies in de servicehandleiding om alleen de onderste schokdemperbevestiging los te nemen aan weerszijden van de motorfiets. Bewaar de bevestigingen voor de latere montage. | |
| 6. | Til de achterkant van de motorfiets hoger om onderaan het achterspatbord te kunnen komen. | |
| 7. | Verwijder de kentekenplaat van het voertuig (indien aanwezig). Bewaar de plaat en het bevestigingsmateriaal. |
| 1. | Knip de fittingen en de stekkers van de bedrading van de richtingaanwijzers. | |||||||||||||||||||||||||||||||
| 2. | Zie Afbeelding 1. Schroef de steel van de richtingaanwijzer (15) van een van de richtingaanwijzers en gooi hem weg. Verwijder de richtingaanwijzer en de steun (14) van de afdekkap van de spatbordsteun en bewaar deze. | |||||||||||||||||||||||||||||||
| 3. | Steek het blad van een kleine schroevendraaier in de inkeping aan de onderkant van de richtingaanwijzer lenskap (2) en draai het blad voorzichtig tot de lenskap uit de lampbehuizing (1) springt. Druk, om te voorkomen dat het glas breekt, de gloeilamp (3) in en draai deze linksom om de gloeilamp uit zijn aansluiting te verwijderen. | |||||||||||||||||||||||||||||||
| 4. | Neem de reflector (5) van de richtingaanwijzer uit de lampbehuizing en gebruik hiervoor indien nodig een van onderstaande methodes: a. Steek het blad van een kleine schroevendraaier tussen de buitenrand van de rubber pakking (4) en de binnenzijde van het huis. Druk de reflector (5) voorzichtig omhoog totdat hij loskomt. b. Steek een dunne schroevendraaier of iets dergelijks in het schroefdraadgat (9) in het huis (1) en druk de reflector (5) en de rubber pakking (4) uit het huis. | |||||||||||||||||||||||||||||||
| 5. | Geleid de bedrading via het gat zonder schroefdraad (8) in het lamphuis. De steel van de richtingaanwijzer, de pakking, de reflector, de gloeilamp, de amberkleurige lens en de bedrading kunnen worden weggegooid. | |||||||||||||||||||||||||||||||
| 6. | Zie Afbeelding 6. Pak uit de set een reflector/gloeilampfitting (16), een gloeilamp met twee gloeidraden (19) en een rode lens (20). | |||||||||||||||||||||||||||||||
| 7. | Zie Afbeelding 1. Voer de draden (10, 11, 12) en de mantel (13) van de reflector/gloeilampfitting via het midden van de rubber pakking (4) naar buiten via het gat (8) zonder schroefdraad in het lamphuis (1). |
Afbeelding 1. Achterlicht/remlicht/richtingaanwijzer | ||||||||||||||||||||||||||||||
| 8. | Zet de lamp als volgt in elkaar: a. Als ze naar buiten zijn gekomen, plaats dan de veer (7) en de gloeilampfitting (6) terug in de reflector en breng daarbij de pasnok op de gloeilampfitting in lijn met de uitsparing in de reflector. De paarse draad (11) moet zich het dichtst bij de nok op de fitting bevinden. b. Plaats de reflector in de rubber pakking en breng daarbij de pasnok op de reflector in lijn met de uitsparing in de pakking. c. Plaats de reflector en breng daarbij de nok op de reflector in lijn met de uitsparing in de lamp en zorg ervoor dat er 25–50 mm (1–2 in) draad in het lamphuis aanwezig is. Voer de bedrading voorzichtig door de steun (14) van de richtingaanwijzer en door het derde gat van achteren in de spatbordsteunafdekking. d. Plaats het lange uiteinde van een nieuwe steel voor de richtingaanwijzer (15) vanaf de binnenzijde door het tweede gat van achteren in de spatbordsteunafdekking en de steun van de lamp en draai de steel in het lamphuis. Haal aan tot 10,9–17,6 N·m (96–156 in-lbs). e. Druk met beide duimen gelijkmatig op de buitenrand van de reflector totdat deze goed aanligt. f. Breng smeermiddel voor elektrische contacten royaal aan (H-D onderdeelnr. 99861-02) of gelijkwaardig aan op de contacten (11, 12) in de reflectorfitting en op de voet van de nieuwe gloeilamp (3). Druk de gloeilamp naar binnen en draai deze rechtsom om de gloeilamp in de fitting te plaatsen. g. Plaats de nieuwe rode lens (2) in het lamphuis en druk hem met de duimen aan totdat hij op zijn plaats klikt. Draai de lens zo dat de uitsparing zich aan de onderkant van de lamp bevindt. | |||||||||||||||||||||||||||||||
| 9. | Herhaal stap 2 t/m 8 voor de resterende lamp. |
| 1. | Zie Afbeelding 6. Neem het nieuwe, gelakte korte achterspatbord (1), vijf popnagels (14) en vijf onderlegringen (15) en pak het verlengstuk (23) voor het achterspatbord uit de set. Lijn de gaten in het verlengstuk uit ten opzichte van de gaten in het spatbord. Zet het verlengstuk vast met de popnagels en de onderlegringen. Lijn de gaten in het verlengstuk en de kabeldoorvoeren uit ten opzichte van de gaten in het spatbord. Zet het verlengstuk en de doorvoeren vast met de popnagels en de onderlegringen. | |||||||||||||
| 2. | Modellen van 2007 t/m 2009: Plaats de ECM-behuizing in het grote gat in het achterspatbord. | |||||||||||||
| 3. | ALLE modellen: Neem de nieuwe kentekenplaatsteun (item I, afzonderlijk aangeschaft), of de steun voor de montage van de linker reflector (12) als de als accessoire leverbare set voor de zijmontage van de kentekenplaat 60947-10 gebruikt wordt, de steun voor de rechter reflector (11), de spatbordbeugel (2), de kruiskopbout (3), de twee spatbordklemmen (4), de twee flensmoeren (6), de doorvoertule (7) en de afstandsring (8) uit de set en pak het bevestigingsmateriaal van het eerder verwijderde standaard (OE) spatbord. | |||||||||||||
| 4. | Plaats de doorvoertule (7) in het bevestigingsgat voor het zadel in het achterspatbord. | |||||||||||||
| 5. | Plaats het nieuwe afstandsring (8) op het schroefdraad van de standaard (OE) zeskantbout voor de bevestiging van het zadel (B). Laat een helper het nieuwe spatbord op zijn plaats houden tussen de spatbordsteunen en plaats de bout vanaf de onderzijde door het doorvoerrubber en het framelipje. Plaats de standaard (OE) onderlegring en zadelpen (C) op het schroefdraad en draai de bout handvast aan. | |||||||||||||
| 6. | Plaats de steun voor de reflector rechts (11) tegen de binnenzijde van het spatbord. Lijn de gaten in de steun uit ten opzichte van de gaten in het spatbord. Voer de bedrading van de rechter achterlicht/remlicht/richtingaanwijzercombinatie door de gaten in het spatbord en in de steun voor de reflector. | |||||||||||||
| 7. | Plaats een standaard (OE) 35 mm (1,38 in) bout en onderlegring (D) door het voorste gat in de afdekking voor de steun (E), de steun van het spatbord, het bevestigingsgat in het achterspatbord en de bijbehorende sleuf in de steun voor de reflector. Plaats een standaard (OE) flensmoer (F) op het schroefdraad maar draai de moer nog niet definitief vast. | |||||||||||||
| 8. | Plaats een nieuwe flensmoer (6) uit de set op de steel (5) van de achterlicht/remlicht/richtingaanwijzercombinatie maar draai de moer nog niet definitief vast. | |||||||||||||
| 9. | Positioneer de kentekenplaatsteun (H) of de steun van de linker zijreflector (12), als de als accessoire leverbare set voor de zijmontage van de kentekenplaat 60947-10 gebruikt wordt, tegen de binnenzijde van het spatbord aan de linkerzijde. Lijn de gaten in de steun uit ten opzichte van de gaten in het spatbord. Voer de bedrading van de linker achterlicht/remlicht/richtingaanwijzercombinatie door de gaten in het spatbord en in de kentekenplaatsteun. | |||||||||||||
| 10. | Plaats de resterende standaard (OE) 35 mm (1,38 in) bout en onderlegring door het voorste gat in de afdekkap voor de steun, de steun van het spatbord, het bevestigingsgat in het achterspatbord en de bijbehorende sleuf in de kentekenplaatsteun. Plaats de standaard (OE) flensmoer op het schroefdraad maar draai de moer nog niet definitief vast. | |||||||||||||
| 11. | Plaats de resterende nieuwe flensmoer op de steel van de achterlicht/remlicht/richtingaanwijzercombinatie maar draai de moer nog niet definitief vast. | |||||||||||||
| 12. | Plaats de spatbordbeugel (2) aan de onderzijde van het spatbord en lijn het middelste gat uit met het gat in het spatbord. Zet hem handvast met de kruiskopbout (3). | |||||||||||||
| 13. | Zie Afbeelding 2. Controleer of de lip (3) op elk van de moerplaten (2) in de sleuf (4) in de spatbordbeugel (1) valt als de moerplaten met de montagebouten (5) en de onderlegringen worden vastgezet. Haal de bouten niet volledig aan. OPMERKING Volg de instructies in de set alvorens verder te gaan met stap 14 als de als accessoire leverbare set voor de zijmontage van de kentekenplaat 60947-10 gebruikt wordt. |
Afbeelding 2. Plaatmoer achterspatbord | ||||||||||||
| 14. | Zie Afbeelding 6. Draai de bevestigingsbouten van het spatbord in de onderstaande volgorde aan: a. Draai de bout (B) en de zadelpen (C) aan tot 10,9–17,6 N·m (96–156 in-lbs). b. Draai de voorste (D) en achterste (G) spatbordsteunbouten aan met 14,9–24,4 N·m (132–216 in-lbs). c. Draai de flensmoer (6) van de steel aan met 14,9–24,4 N·m (132–216 in-lbs). d. Haal de spatbordsteunbout aan tot 14,9–24,4 N·m (132–216 in-lbs). | |||||||||||||
| 15. | Zie Afbeelding 3 als steun 60318-07 voor de zijdelingse montage van de kentekenplaat gebruikt wordt. Niet van toepassing bij de montage van 60947-10. Voer de bedrading voor de kentekenplaatverlichting (1) door het bedradingskanaal (2) omhoog. Plaats de bedrading in de bovenste clips van de kentekenplaatsteun (3) en de kabeldoorvoer (6) boven het verlengstuk van het achterspatbord. |
Afbeelding 3. Routing bedrading achterlicht | ||||||||||||
| 16. | Modellen van 2007 t/m 2009: Plaats de ECM in de ECM-behuizing zoals aangegeven in de servicehandleiding. | |||||||||||||
| 17. | ALLE modellen: Zie Afbeelding 6. Neem het bevestigingsblok (9) en de achter reflector (10) uit de set. | |||||||||||||
| 18. | Reinig de achter onderzijde van het nieuwe spatbord en het gedeelte van het reflectorblok waarop de reflector gemonteerd wordt met een mengsel van 50-70% isopropylalcohol en 30-50% gedestilleerd water. Laat het oppervlak goed drogen. OPMERKING De omgevingstemperatuur moet ten minste 16 °C (60 °F) zijn om de reflectoren goed te laten hechten. | |||||||||||||
| 19. | Trek de beschermstrook van de kleeflaag aan de achterkant van de reflector af. Plaats de reflector zorgvuldig in de juiste positie op het reflectorblok en duw hem stevig op zijn plaats. Houd de reflector ongeveer 1 minuut op zijn plaats vast terwijl u gelijkmatige druk uitoefent. | |||||||||||||
| 20. | Trek de beschermstrook van de hechtlaag van het reflectorblok af. Positioneer het bevestigingsblok, gecentreerd, aan de onderrand van het spatbord en druk het stevig op zijn plaats. Houd de montageblok ongeveer 1 minuut op zijn plaats vast terwijl u gelijkmatige druk uitoefent. | |||||||||||||
| 21. | Haal de zijreflectoren (13) uit de set. | |||||||||||||
| 22. | Reinig de plaats van de reflector op de kentekenplaatsteun met een mengsel van 50-70% isopropylalcohol en 30-50% gedestilleerd water. Laat het oppervlak goed drogen. | |||||||||||||
| 23. | Trek de beschermstrook van de kleeflaag aan de achterkant van de reflector af. Plaats de reflector zorgvuldig in de juiste positie op het montagegedeelte van de steun en druk hem stevig op zijn plaats. Houd de reflector ongeveer 1 minuut op zijn plaats vast terwijl u gelijkmatige druk uitoefent. | |||||||||||||
| 24. | Herhaal de stappen 22 en 23 voor de reflectorsteun rechts (11) en de resterende zijreflector. |
| 1. | Haal de signaalconvertermodule (21) en de houder (22) voor de achterlicht/remlicht/richtingaanwijzercombinatie uit de set. Plaats de module in de houder en plaats de module en de houder in de buurt van de accu op onderstaande wijze: a. Zie Afbeelding 4. Voer de convertermodule en de bedradingstekkers naar het accucompartiment, voor de steun van de accuband. b. Positioneer de convertermodule zo hoog mogelijk in het frame, onder het 'Y'-gedeelte. Voor modellen van 2009 en 2010: Raadpleeg de instructies in de servicehandleiding. Voor modellen van 2008 en eerder: Zie Afbeelding 5. Trek de rubbermontagelip door het gat in het frame om de module vast te zetten. | Afbeelding 4. Plaatsen van convertermodule Afbeelding 5. Montagelip convertermodule (modellen van 2008 en eerder) |
| 2. | Sluit het 6-polige pinhuis [7B] op de convertermodule voor het achterlicht aan op het contacthuis [7A] van de hoofdbedrading van de motorfiets. Sluit het huis [40B] op de convertermodule voor het achterlicht aan op het contacthuis van de bedrading van de kentekenplaatverlichting. Stop de stekkers en bedrading terug in de ruimte onder het zadel. | |
| 3. | Zie Afbeelding 3. Leid de bedrading van de achterlicht/remlicht/richtingaanwijzercombinatie (4) door de onderste bedradingsclips (5) en de kabelgeleiders aan de bovenzijde van het verlengstuk van het achterspatbord en daarna naar de stekkers [18B] en [19B] van de convertermodule voor het achterlicht. Knip de overtollige bedrading en mantel af maar zorg er wel voor dat er voldoende lengte overblijft om de aansluitingen te maken. | |
| 4. | Neem zes contactklemmen (17) en twee contacthuizen (18) uit de set. | |
| 5. | Volg de instructies in de servicehandleiding om de aansluitingen aan de bedrading voor het achterlicht, het remlicht en de richtingaanwijzers te krimpen. Steek de achterremlicht/richtingaanwijzerlicht aansluitingen van de ene lamp in de juiste uitsparingen in het contacthuis: Herhaal de procedure voor het andere contacthuis. a. Steek de zwarte draad en aansluiting in uitsparing 1. b. Steek de paarse draad en aansluiting in uitsparing 2. c. Steek de blauwe draad en aansluiting in uitsparing 3. | |
| 6. | Sluit de contacthuizen van de bedrading van de achterlicht/remlicht/richtingaanwijzercombinatie aan op de stekkerhuizen ([18B], rechts en [19B], links) van de convertermodule voor het achterlicht. Stop de stekkers en bedrading terug in de ruimte onder het zadel. | |
| 7. | Raadpleeg de servicehandleiding en volg de instructies om de accu te bevestigen. |
| 1. | Controleer of de contactsleutelchakelaar in de stand OFF (uit) staat. Breng een dunne laag Harley-Davidson smeermiddel voor elektrische contacten (onderdeelnr. 99861-02), vaseline of corrosiewerend middel aan op de accupolen. Raadpleeg de servicehandleiding en volg de instructies voor het aansluiten van de accukabels (de pluskabel eerst). | |
Sluit eerst de pluskabel (+) van de accu aan. Mocht de pluskabel (+) in contact komen met massa terwijl de minkabel (-) nog is aangesloten, dan kan de accu door de vonken die dan ontstaan, exploderen, met mogelijk ernstig of dodelijk letsel tot gevolg. (00068a) Trek het zadel na de montage even omhoog om er zeker van te zijn dat het in de positie is vergrendeld. Tijdens het rijden kan een loszittend zadel verschuiven, waardoor men de controle over de motorfiets kan verliezen met mogelijk ernstig of dodelijk letsel tot gevolg. (00070b) | ||
| 2. | Raadpleeg de servicehandleiding en volg de instructies voor het bevestigen van het zadel. | |
| 3. | Volg de instructies in de servicehandleiding om de onderste schokdemperbevestiging vast te zetten aan weerszijden van de motorfiets. | |
| 4. | Klap de zijstandaard uit. Laat de krik zakken zodat de motorfiets op de zijstandaard staat. | |
| 5. | Zet de contactsleutelschakelaar in de stand IGNITION (ontsteking), maar start de motor niet. Controleer of het achterlicht, het remlicht, de richtingaanwijzers en de kentekenplaatverlichting goed werken. | |
| 6. | Plaats de kentekenplaat (indien aanwezig) op de motorfiets met de standaard (OE) bevestigingsmaterialen. |
Set | Item | Beschrijving (aantal) | Onderdeelnummer |
|---|---|---|---|
Set 60236-09BEO 2007 t/m 2009 (grondverf) | 1 | Spatbord, Sportster achter (ingekort) (grondverf), met gat (A) voor ECM | 59865-09BEO |
Set 60236-10BEO 2004 t/m 2006 (grondverf) 2010+ (grondverf) | 1 | Spatbord, Sportster achter (ingekort) (grondverf), zonder gat (A) voor ECM | 59865-10BEO |
Set 60236-09DH 2007 t/m 2009 (zwart) | 1 | Spatbord, Sportster achter (ingekort) (zwart), met gat (A) voor ECM | 59865-07DH |
Set 60236-10DH 2004 t/m 2006 (zwart) 2010+ (zwart) | 1 | Spatbord, Sportster achter (ingekort) (zwart), zonder gat (A) voor ECM | 59865-10DH |
Gezamenlijke onderdelen in ALLE sets | 2 | Beugel, achterspatbord | 59727-07 |
3 | Machinebout, platkop, kruis | 3085 | |
4 | Klem, achterspatbord (met schroefdraad) (2) | 10323 | |
5 | Steel, achterlicht/remlicht/richtingaanwijzer (2) | 5531 | |
6 | Flensmoer (2) | 7531 | |
7 | Doorvoertule, spatbordisolatie | 11474 | |
8 | Afstandsring | 7882 | |
9 | Bevestigingsblok, reflector (met tape) | 68724-07 | |
10 | Reflector, achter (rood) | 59359-06 | |
11 | Steun, reflectorbevestiging (rechts) | 68704-07 | |
12 | Steun, reflectorbevestiging (links, wordt bij deze toepassing niet gebruikt) | 68857-07 | |
13 | Reflector, zijkant (rood) (2) | 69490-07 | |
14 | Popnagel (5) | 8692 | |
15 | Gewone onderlegring (5) | 6192 | |
16 | Reflector met gloeilampfitting (2) | 68497-07 | |
17 | Contactklem (10, inclusief reserve) | 72991-01 | |
18 | Contacthuis, 4-polig (2) | 72914-01BK | |
19 | Gloeilamp, achterlicht/remlicht/richtingaanwijzer (nr.198) (2) | 68168-89A | |
20 | Lens, achterlicht/remlicht/richtingaanwijzer (rood) (2) | 68559-07 | |
21 | Convertermodule en verbindingskabelboom achterlicht/remlicht/richtingaanwijzer | 68278-07 | |
22 | Houder module achterlicht/remlicht/richtingaanwijzer | 68299-07 | |
23 | Verlenging achterspatbord | 59502-09A | |
24 | Contacthuis, 2-polig (Voor bedrading kentekenplaatverlichting. Niet gebruikt bij deze toepassing.) | 73152-96BK | |
Items genoemd in de tekst, maar niet in de set
inbegrepen: | |||
A | Gat voor bevestiging ECM (2007 t/m 2009) | ||
B | Standaard (OE) zeskantbout, 25 mm (1 in) lang | ||
C | Standaard (OE) zadelpen en onderlegring | ||
D | Standaard (OE) spatbordmontagebout, 35 mm (1,38 in) lang (2) en onderlegring (2) | ||
E | Standaard (OE) spatbordsteunafdekking (2) | ||
F | Standaard (OE) bevestigingsflensmoer spatbord (2) | ||
G | Standaard (OE) spatbordmontagebout, 44 mm (1,75 in) lang (2) en onderlegring (2) | ||
H | Kentekenplaatsteun (inclusief items J t/m P) | 60318-07 | |
I |
| 68183-07 | |
J |
| Niet afzonderlijk verkrijgbaar | |
K |
| 60334-07 | |
L |
| 68702-07 | |
M |
| 5403B | |
N |
| Niet afzonderlijk verkrijgbaar | |
O |
| 7716 | |
P | Standaard (OE) richtingaanwijzerbehuizing (2) | ||
Q | Standaard (OE) richtingaanwijzersteun (2) | ||